Na een intensieve periode van voorbereiding was het op 17 december zover. De leden van de Vereniging van Afvalverwerkers (VVAV) en die van de Vereniging Nederlandse Afvalondernemingen (VNAO) besloten te fuseren en in één nieuwe branchevereniging met de naam 'Vereniging Afvalbedrijven' verder te gaan.
Daarmee is een nieuwe en belangrijke stap gezet in de strijd om de versnipperde belangenbehartiging in de afvalsector tegen te gaan. Bij mijn weten bestaat er namelijk geen tak van industriële bedrijvigheid, waar zoveel verschillende belangenclubs actief zijn. Dat werd al pijnlijk zichtbaar ten tijde van de Commissie Toekomstige Organisatie Afvalverwijdering, ook wel naar haar voorzitter de Commissie Epema genoemd. Toen mevrouw Epema het eindrapport van haar Commissie aanbood aan de toenmalige minister De Boer meldde zij in niet mis te verstane woorden dat door de versnippering in belangenbehartiging de invloed van de verschillende afvalbranches veel te gering was. Zij gaf daarmee een eerste aanzet om tot een bundeling van krachten te komen.
Verder zien we in de afvalsector dat er sprake is van schaalvergroting en integratie in de keten; twee fenomenen die een herstructurering van de belangenbehartiging noodzakelijk maken. VVAV en de VNAO hebben de handschoen opgepakt en één nieuwe vereniging opgericht. Sinds 1 januari jongstleden bestaat de Vereniging Afvalbedrijven, die een substantieel deel van de bedrijven binnen de afvalketen vertegenwoordigt. Die ene vereniging is er niet alleen voor het bereiken van meer synergie en het besparen van kosten maar nog veel meer om de zaak van de afvalsector te bepleiten. En deze zaak wordt almaar groter. In Brussel bijvoorbeeld, waar in toenemende mate de toon wordt gezet voor het Nederlandse beleid en bij de minister van economische zaken, die meer oog zal moeten hebben voor het feit dat ook afvalbedrijven alleen in een robuust ondernemersklimaat kunnen opereren. Het moge duidelijk zijn dat het daar niet bij blijft; samenwerking met verwante organisaties moet ook in de toekomst worden nagestreefd om zo veel mogelijk met één mond te kunnen spreken. Fragmentarische belangenbehartiging is vanuit het historisch perspectief verklaarbaar, maar past niet meer in een tijdsgewricht waarin het inzamelen en be- en verwerken van afval niet alleen een maatschappelijk relevante bedrijfstak is geworden, maar het ook een economische factor van betekenis is. De belangen van de sector reiken verder dan een specifiek element of een enkele regeling. Hier is samenwerking geboden. Bundeling van krachten, samen sterk.
Vakblad Afval! februari 2004 (nummer 1)