Debat kan meningen doen verschuiven, zelfs in de GFT-discussie.
Tijdens het congres de toekomst van GFT-inzameling op 24 juni zijn de tegenstellingen die op dit moment de GFT-discussie beheersen volledig voor het voetlicht gekomen. Die discussie draait om de vraag of de verplichting tot scheiden van GFT-afval uit de Wet milieubeheer moet worden gehaald. Er zijn pertinente tegenstanders en evenzo strikte voorstanders van dat idee. Op dit moment raadpleegt de VNG haar leden om daar de mening te peilen over het loslaten van de verplichting. In september zal het AOO een standpunt innemen over een advies aan de staatssecretaris. Zowel vóór- als tegenstanders gebruiken de milieuaspecten als argument. Ook hierover laaide de discussie heftig op tijdens het congres. Interessant daarbij was de stelling van enkele composteerders dat de wettelijke verplichting tot gescheiden inzameling kan vervallen als VROM toegeeft dat gescheiden inzamelen gevolgd door composteren vanuit milieu-optiek beter is dan integraal verbranden. Dat composteren niet altijd de beste weg is bleek uit het LCA-onderzoek voor de MER die in het kader van het LAP is gemaakt. Een opmerkelijke opvatting. Als gescheiden inzameling gevolgd door composteren vanuit milieu-optiek de betere is, dan is handhaving van de verplichting direct te rechtvaardigen. Uit de presentatie van Hans Bronk, directeur NVRD, bleek overigens dat in verreweg de meeste gevallen gescheiden inzameling en composteren vanuit kosten optiek de voorkeur verdient boven integraal verbranden. In deze kostenberekeningen zijn echter alternatieve aanpakken zoals die door de gemeenten Horst aan de Maas en Hoogezand-Sappemeer tijdens het congres werden gepresenteerd niet meegenomen. Uit de presentaties van beide gemeenten blijkt dat hun aanpak waarbij vooral wordt ingestoken op alternatieven voor de tuinfractie in het GFT wel degelijk kostenvoordelen oplevert. Overigens werd de opvatting dat ook bij het afschaffen van de wettelijke verplichting tot gescheiden inzamelen van GFT-afval er in de praktijk nauwelijks verschuivingen zullen optreden breed gedeeld. De algemene indruk bij de congresdeelnemers was dat de huidige ontheffingsregels in verreweg de meeste gevallen de gemeenten in staat heeft gesteld hun inzamelsysteem te optimaliseren. Om de lijn in de discussie te peilen werd zowel aan het begin als aan het eind van het congres de meningen gepeild. Aan het begin waren 20 deelnemers voor handhaven van de wettelijke verplichting, 13 voor schrappen en 2 hadden geen mening. Aan het einde was het aantal vóór handhaven gedaald naar 7, 14 waren er voor schrappen en er waren geen twijfelaars meer. In ieder geval heeft het congres voor duidelijkheid gezorgd, en een kleine verschuiving richting afschaffen van de verplichting.