Categorie: Advertorial | Gepubliceerd: 28 augustus 2007

WasteLift: schoon, esthetisch, veilig en kostenbesparend

Dijkstra urban solutions biedt met de WasteLift een oplossing om de kwaliteit van de stedelijke omgeving te verbeteren. Een schone, veilige en verzorgde stad is zakelijk aantrekkelijk, omdat het resulteert in een gezonde economie. Een gezond sociaal klimaat draagt immers bij aan een gezonde economie.

filename.jpg
De WasteLift verzamelt afval ondergronds en heeft een groter volume dan traditionele afvalbakken. Hierdoor hoeft het afval minder vaak opgehaald te worden. Dankzij het innovatieve concept is de WasteLift bovendien bombestendig. Kortom: de WasteLift is schoon, esthetisch, veilig en kostenbesparend.

Schoon
Internationaal onderzoek wijst uit dat een onverzorgde omgeving zorgt voor een oncomfortabel en onveilig gevoel bij haar inwoners. Door toename van afval zijn traditionele afvalbakken sneller vol. Met een verwaarloosd aanzicht tot gevolg. De WasteLift heeft een inhoud van 400 liter. De zwaartekracht zorgt bovendien voor een betere benutting van de ruimte in vergelijking met traditionele afvalbakken. Hierdoor loopt de daadwerkelijke capaciteit op tot 500 liter. De WasteLift onttrekt een groot deel van het straatvuil aan het oog en draagt bij aan een hygiënische omgeving.

Esthetisch
De WasteLift heeft een compact, functioneel en vooral flexibel ontwerp. Het zichtbare deel van de WasteLift wordt volgens specificaties van de klant geproduceerd. Dijkstra urban solutions levert de WasteLift in alle vormen en kleuren, afhankelijk van de wensen van de klant. Dankzij haar esthetische waarde draagt de WasteLift bij aan een aantrekkelijke omgeving.

Veilig
Wereldwijd wordt een toenemend aantal steden door terrorisme bedreigd. TNO heeft in opdracht van Dijkstra urban solutions met succes een bombestendige versie van de WasteLift ontworpen, getest en geproduceerd. Waar een explosie in een traditionele afvalbak binnen een straal van 100 meter schade en verwondingen veroorzaakt, is de WasteLift al vanaf een straal van 1 meter veilig te noemen.
Bovendien is, door de uitgekiende vorm, de kans op verstoppingen minimaal. Hierdoor komt de medewerker niet meer in aanraking met het afval. Dit is hygiënischer en maakt de kans op verwondingen (onder andere drugsnaalden) kleiner.

Kostenbesparend
Met een effectieve capaciteit van 500 liter heeft de WasteLift een beduidend grotere capaciteit dan een traditionele afvalbak. Hierdoor hoeft de WasteLift minder vaak geleegd te worden, met lagere productiekosten als resultaat. Door de vorm van de afvalkoker wordt het aantal verstoppingen tot een minimum beperkt. Ook dankzij dit betrouwbare en duurzame concept werkt de WasteLift kostenbesparend.

Ontwerp
Het ontwerp bestaat uit drie buizen die in elkaar passen. De buitenste buis gaat als eerste de grond in en daarin komt vervolgens een geleidebuis voor de binnenste buis die met behulp van een elektromotor met afval en al naar boven kan worden getild. De elektromotor kan worden aangedreven met een aggregaat dat eenvoudig op het inzamelvoertuig kan worden geplaatst.

Gepatenteerd
De WasteLift is ontwikkeld naar aanleiding van een vraag van de Milieudienst Groningen. Die wilde een prullenbak met een groot volume, die weinig plaats inneemt en met de bestaande voertuigen van de Milieudienst in de drukke binnenstad kan worden geleegd. Het idee om ondergronds te gaan werd snel geboren omdat de firma Dijkstra al geruime tijd ondergrondse afvalcontainers voor de inzameling van
papier-, glas- en restafval in de gemeente Groningen plaatste. Het systeem mocht niet te veel ruimte in de grond innemen vanwege de grote hoeveelheid kabels en leidingen in de binnenstad. Ook moest het systeem bestand zijn tegen hoge grondwaterstanden en moest het ‘hufterproof' zijn.
Een eerste prototype werd vervaardigd in de eigen onderhoudswerkplaats. De resultaten waren zo positief dat besloten werd de ontwikkeling door te zetten. In een jaar tijd werd het prototype verder doorontwikkeld en uitvoerig getest op zes verschillende locaties in de binnenstad van Groningen. Het uiteindelijke model is inmiddels gepatenteerd.
De Wastelift is inmiddels in gebruik in Groningen, Emmen, Heerenveen en de Duitse stad Hamburg. Daarnaast lopen er contacten in een groot aantal Europese landen.

Terreurbestendigheid

filename.jpg
Het is bekend dat terroristen regelmatig gebruik maken van prullenbakken om bommen te plaatsen. In binnen- en buitenland houden bestuurders daarom ook rekening met explosieven, die in prullenbakken zijn geplaatst. Den Haag heeft op en rond het Binnenhof de afvalbakken verwijderd en op grote stations zijn ze in aantal verminderd. Londen verwijderde kort na de aanslagen in die stad de prullenbakken uit het centrum en de metrostations. Om te voorkomen dat er overal zwerfvuil achterblijft, moeten beheerders van openbare ruimten in grote steden nu veel vaker dure veegploegen inzetten.
Dijkstra urban solutions dacht dat de WasteLift met een paar aanpassingen ook bruikbaar kon zijn als explosiebestendige afvalbak, maar beschikte niet over de technische kennis om dat idee verder uit te werken. Via via kwam het bij TNO Defensie en Veiligheid terecht.

TNO beschikte over kennis over explosies en de uitwerking daarvan. Zij zijn begonnen met een definitie van het type bommen dat terroristen kunnen gebruiken. Op grond van die definitie is Dijkstra urban solutions verder gegaan. Het meest kwetsbare onderdeel is de inwerpzuil, waarin het afval wordt gegooid. Als die bij een explosie in stukken uiteen spat, dan is de klap ondergronds misschien gedempt, maar blijft het effect bovengronds ernstig. Toen daarvoor een oplossing was, heeft TNO de eerste testen op een testlocatie in Duitsland uitgevoerd. Uit de testresultaten is gebleken dat de explosie-effecten voor de omgeving enorm gereduceerd worden. De explosie effecten, zoals blastgolf, fragmenten en vuurbal worden door het ontwerp omhoog gericht. De prullenbak vormt geen secundaire fragmenten. Hierdoor wordt het voor de omstanders veel veiliger.

 

Meer informatie:
Dijkstra urban solutions , telefoon: 0594 - 55 24 70.


Vakblad Afval! juni 2007 (nummer 5)