Hoe kan biomassa uit natuurgebieden worden afgevoerd en verwerkt in een economisch interessante keten?
De Vereniging voor Natuur en Milieu 'De Vechtstreek' vroeg de
Wetenschapswinkel van de Universiteit Twente om een methode te ontwikkelen
waarbij groenafval uit natuurgebied de Vechtstreek op een economisch
interessante manier als biomassa kan worden ingezet. Via Twente is het
verzoek terechtgekomen bij Wageningen UR.
De vereniging beheert zelf een natuurgebied in de buurt van Ommen. Voor
een ecologisch goed beheer is afvoer noodzakelijk van bermmaaisel,
heideplagsel en rietmaaisel. Het afvoeren en verwerken van deze biomassa
drukt zwaar op de begroting van de beheerders van natuurterreinen, zodat
deze er vaak vanaf zien.
Bijeenkomst
De vereniging heeft de Wetenschapswinkel gevraagd om een praktisch
toepasbare methode te ontwikkelen, die overheden en andere instanties kan
overtuigen van de economische haalbaarheid van afvoer van biomassa,
waardoor deze hun taak als natuurbeheerder of ecologisch groenbeheerder
beter kunnen uitvoeren.
Als onderdeel van de verkenning is een gebiedsbijeenkomst georganiseerd.
Doel van de bijeenkomst was het peilen van draagvlak bij overige partijen
in de omgeving en het nader specificeren van de onderzoeksvraag. Er werden
zowel 'aanbieders' van biomassa (wegbeheerders, waterschappen, LTO,
natuurbeheerders) als mogelijke 'vragers' (verwerkende bedrijven)
uitgenodigd op het gemeentehuis in Ommen.
Centraal stonden de volgende vragen:
* Wat hebben we elkaar te bieden?
* Hoe komt het dat een regionale markt voor biomassa nog niet op gang is
gekomen?
* Welke rol kan een wetenschapswinkelonderzoek spelen?
De stand van de techniek werd aangegeven als een bottleneck. De drie
'vragers' van biomassa zijn allemaal nog in de fase dat de installatie nog
moet worden gebouwd. Interessant was, dat het om drie innovatieve,
verschillende verwerkingstechnologieën gaat, die niet allemaal
dezelfde eisen aan de biomassa stellen. Wat voor de één niet
te verwerken is, is voor de ander een mogelijk interessante stroom. Alle
drie de partijen gaven echter aan dat financiering en bureaucratie/
regelgeving knelpunten zijn voor een snelle ingebruikname van de
installatie.
Logistiek concept
Onder de deelnemers aan de workshop was een grote bereidheid om samen te
werken en vraag en aanbod bij elkaar te brengen. ROVA, de regionale
afvalverwerker, bood aan het proces te willen trekken. De gemeente Ommen
bood aan in bestuurlijke overleggen de samenwerking met de natuurbeherende
organisaties, waterschappen, andere gemeenten en provincie aan de orde te
stellen. Belangrijke uitkomst van de workshop is dat er behoefte is aan
een logistiek concept voor deze samenwerking, die niet alleen productie en
verwerking betreft, maar ook dwarsverbanden tussen verwerkers en
afstemming tussen producenten. De concepten 'biomassawerf' en
'biomassabank' zijn genoemd, maar moeten aangepast worden aan de regionale
situatie. In oktober 2008 wordt hierover verder gepraat.
Proces aanzwengelen
In een evaluerend gesprek met De Vechtstreek werd duidelijk dat het doel
van de opdrachtgever is bereikt. Zij wilde een proces aanzwengelen, en dat
is gelukt. Dat betekent dat het wetenschapswinkelproject met de
verkenningsfase is afgerond. De onderzoeksvraag die in de bijeenkomst naar
boven kwam, wordt nu in een 'gewoon' onderzoeksproject door een
onderzoeksgroep binnen Wageningen UR opgepakt met ROVA als opdrachtgever.
Dit voorbeeld toont aan dat aanvragen bij de Wetenschapswinkel ook kunnen
uitmonden in reguliere onderzoeksprojecten binnen Wageningen UR.
Meer informatie:
Verslagen op website
Wageningen UR