Categorie: Diversen | Gepubliceerd: 24 november 2009

Meer werkgelegenheid in milieusector

De werkgelegenheid in milieudiensten groeide van 1996 tot 2007 harder dan de totale werkgelegenheid in Nederland. Dat blijkt uit de Milieurekeningen van het CBS. De afvalcijfers voor 2006 zijn iets bijgesteld, maar die van 2007 zijn nog niet meegenomen.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) beschrijft en analyseert in de Milieurekeningen 2008 de relatie tussen milieu en economie in Nederland. De werkgelegenheid in de milieusector is in de periode 1995-2007 met 25 procent gegroeid, vooral in de takken recycling en milieuadvies. De hoeveelheid afval is alleen voor het jaar 2006 nog bekend. De cijfers van dat jaar zijn iets bijgesteld: niet 6 procent van de 'afvalresiduen' (afval zonder directe positieve waarde) werden geëxporteerd, maar 8 procent. En niet 4 procent werden er gestort of geloosd, maar 6 procent.
Over de relatie tussen economie en milieu heeft het CBS wel nieuwe cijfers. Recyclingbedrijven zijn goed voor 3 procent van de gecreëerde waarde van de milieusector, tweedehandswinkels voor 1 procent. De milieusector op zijn beurt, als geheel, is goed voor 2,0 procent van de Nederlandse economie (gemeten in toegevoegde waarde). De milieusector groeide tot 2007 even hard als de Nederlandse economie. De werkgelegenheid in de milieusector groeide echter harder dan die in de gehele economie.

Werkgelegenheid
In 2007 telde de milieusector 109.000 voltijdbanen, waarmee hij 25 procent is gegroeid ten opzichte van 1995, terwijl het arbeidsvolume van heel Nederland toenam met 17 procent. Traditionele milieudiensten, zoals het ophalen en het verwerken van afval, speelden met 27.000 arbeidsjaren een relatief grote rol in de milieusector. Recycling en tweedehandswinkels zitten samen met schroothandel in een segment dat 62 procent groeide in deze periode van tien jaar. Verder droeg de milieusector in 2007 voor bijna 2 procent bij aan het bruto binnenlands product (bbp).
Ook de opkomende, meer innovatieve milieuactiviteiten zoals energiebesparing, duurzame energiesystemen en industriële milieuapparatuur zijn hard gegroeid. De bovengemiddelde groei van deze activiteiten komt door de kleine omvang minder tot uiting in het totaalcijfer van de milieusector. De meer traditionele activiteiten in de milieusector, zoals isolatiewerkzaamheden, zijn veel minder sterk gegroeid. Met 32.000 arbeidsjaren is de isolatie in de bouw goed voor de meeste werkgelegenheid, met 32.000 arbeidsjaren.
De groei van het arbeidsvolume in de milieusector in de periode 1995-2007 lag 8 procentpunt hoger dan de groei van de totale werkgelegenheid. De milieusector is goed voor 1,6 procent van de totale werkgelegenheid in Nederland. De toegevoegde waarde van de milieusector was in 2007 gelijk aan 11,1 miljard euro. Dat is 2,0 procent van het bbp.

Bron: CBS

Recycling kost water
De basismetaalindustrie heeft de hoogste gebruiksintensiteit voor leidingwater, gevolgd door de aardolie-industrie, de veehouderij, de chemische industrie, de afvalrecycling en de voedings- en genotmiddelenindustrie. Overigens berekent het CBS niet het verschil tussen het vervaardigen van materialen uit 'vers gedolven' grondstoffen en recycling. Het CBS zet ook de CO2-emissies van de (voorbereiding tot) recycling, en hoeveel zware metalen er in het oppervlakte- en rioolwater komen door vooral de papierrecycling (uit inkt).

Fiscale vergroening
Tussen 1990 en 1996 nam het aandeel milieubelastingen toe van 9,4 tot 13,5 procent. Sinds die tijd is het aandeel milieubelastingen vrij constant en schommelt rond 13,5 procent. Van een verdergaande vergroening van het belastingstelsel is sinds 1996 dus geen sprake. In 2008 is het aandeel iets gestegen, met name door de hogere inkomsten van de energiebelasting. De invoering van de verpakkingenbelasting en vliegtaks hebben weinig invloed op het totale aandeel van de milieubelastingen.

Meer informatie:

» CBSmilieurekeningen 2008