Het aangekondigde onderzoek in 2014 naar het gewenste tarief voor de afvalstoffenbelasting zal zich niet uitstrekken tot vragen omtrent een eventuele afschaffing van deze belasting. Wel zullen de mogelijkheden om de afvalstoffenbelasting te ontwijken in kaart worden gebracht.
Dat schrijft staatssecretaris Frank Weekers van Financiën in antwoord op vragen van de PvdA-kamerfractie over de afvalstoffenbelasting in het Belastingplan 2014. Het komende halfjaar wordt de vormgeving van de herinvoering van de afvalstoffenbelasting nader onderzocht, waarbij ook het tarief in het onderzoek wordt betrokken. Uitstel van deze maatregel is geen optie, aldus Weekers in reactie op één van de vragen, nu deze onderdeel uitmaakt van de Begrotingsafspraken 2014.
De leden van de fractie van de PvdA vroegen ook om een beoordeling van de mogelijkheden om de afvalstoffenbelasting te ontwijken. Weekers reageert dat de heffing van afvalstoffenbelasting in de eerste plaats kan worden voorkomen door minder te storten afvalstoffen te produceren. “Dit kan worden bereikt door de handelingen waarbij te storten afvalstoffen ontstaan aan te passen, zoals betere scheiding aan de bron of nascheiding.” Verder kan volgens hem de heffing van afvalstoffenbelasting worden voorkomen door afval niet te storten, maar bijvoorbeeld te hergebruiken, te recyclen of te verbranden. Zijn inschatting is dat dit laatste mogelijk is voor zo’n 20 procent van de totale hoeveelheid afval die wordt gestort, omdat de meeste afvalstoffen die worden gestort niet op een andere manier kunnen worden verwerkt. Een andere manier om de heffing van afvalstoffenbelasting te voorkomen kan zijn om de verwerking van bepaalde afvalstromen naar andere landen te verplaatsen. In het aangekondigde onderzoek zullen ook deze aspecten in kaart worden gebracht.