De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) krijgt extra capaciteit voor het voorkomen van bodemverontreinigingen, het onjuist verwerken van gevaarlijke afvalstoffen en het dumpen van Nederlands afval in niet-Oeso-landen met een kwetsbare verwerkings- en toezichtstructuur.
Dat blijkt uit het Meerjarenplan 2020-2024 van de ILT dat gisteren is aangeboden aan de Tweede Kamer. De inspectiedienst krijgt met 150 extra inspecteurs meer mogelijkheden om de komende jaren steviger op te treden. Dit dankzij de extra middelen die minister Cora van Nieuwenhuis van Infrastructuur en Milieu eerder dit jaar beschikbaar stelde aan de ILT. In de Voorjaarsnota maakte de minister 10 miljoen euro extra vrij voor de dienst in 2019, 12 miljoen in 2020 en vanaf 2020 15 miljoen euro per jaar structureel.
“Met de extra mankracht kan de ILT het toezicht versterken. Daar waar de risico’s voor mens en milieu het grootst zijn: bodem, grond, water en de verwerking van afvalstoffen”, zegt inspecteur-generaal Jan van den Bos van de ILT. Ook komt er meer aandacht voor een schone scheepvaart en een veilige en duurzame luchtvaart. “We zijn nog op zoek naar een breed scala gedreven inspecteurs. Van cyberspecialisten, financiële experts tot data-analisten.”
» Meerjarenplan 2020-2024 van de
ILT
» Aanbiedingsbrief
Meerjarenplan 2020-2024 van de ILT