Categorie: Politiek en beleid | Gepubliceerd: 22 maart 2021

Nederland scoort weer goed op grondstoffen

Zowel bij het gebruik van grondstoffen als de productiviteit ervan, behoort Nederland tot de koplopers binnen de EU.

Een kilo grondstoffen zorgde in 2019 voor meer opbrengsten dan een jaar eerder.Foto: aureliano1704 | 123RF
Een kilo grondstoffen zorgde in 2019 voor meer opbrengsten dan een jaar eerder.Foto: aureliano1704 | 123RF | Dreamstime | Stephan Bock

In 2019 gebruikten de 27 EU-lidstaten minder grondstoffen per persoon, terwijl het gebruik ervan wel meer opleverde. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van Eurostat.

De grondstoffenproductiviteit is de verhouding tussen de hoeveelheid gebruikte grondstoffen en het bruto binnenlands product (BBP). In de EU steeg de grondstoffenproductiviteit in 2019 naar 2,20 euro per kilo verbruikt materiaal. In 2018 was dat nog 2,11 euro per kilo en in 2000 zelfs nog 1,20 euro per kilo. Het BBP in de EU stijgt al enkele jaren stabiel, terwijl het grondstoffenverbruik na een paar jaar van groei in 2019 weer afnam. Dat is goed nieuws voor de grondstoffenproductiviteit, die daarmee sterker steeg.

Nederland heeft de hoogste grondstoffenproductiviteit van alle EU-lidstaten: 5,32 euro per kilo materiaal. Dat is ook nog eens een forse stijging ten opzichte van 2018, toen de productiviteit 4,79 euro per kilo bedroeg. Bulgarije en Roemenië kennen de laagste productiviteit, met 0,40 euro per kilo. Ook wanneer de prijsverschillen per land worden meegenomen in de berekening, scoort Nederland het hoogst en Bulgarije en Roemenië het laagst.

Totaal verbruik

De totale consumptie van grondstoffen per persoon daalde licht, van 14,4 ton in 2018 naar 14,2 ton in 2019. De helft van de verbruikte grondstoffen betreft de niet-metalen minerale ertsen, zoals zand, steen en klein. Hiervan werd 7,2 ton per persoon verbruikt in de EU. Daarna volgen biomassa (3,4 ton), fossiele energiebronnen (2,9 ton) en metaalertsen (0,7 ton).

Het Nederlands verbruik komt uit op 8,8 ton per persoon, tegenover 9,4 ton per persoon in 2018. Nederland is daarmee een kleinverbruiker in Europees perspectief: alleen Italië verbruikt minder grondstoffen per inwoner (8,1 ton). Finland is met 31,6 ton per inwoner de grootste verbruiker. Het land gebruikt vooral veel minerale ertsen.

De verdeling ligt in Nederland ook anders dan het EU-gemiddelde. Fossiele energiebronnen maken het grootste deel van het verbruik uit, met 3,1 ton per persoon. Daarna volgen biomassa (2,8 ton), minerale ertsen (2,3 ton) en metaalertsen (0,5 ton).