In een groot witwasonderzoek heeft het Openbaar Ministerie geldboetes tot 500.000 euro en gevangenisstraffen tot vijf jaar geëist, onder meer tegen twee schrootbedrijven en de personen achter die bedrijven.
De eisen zijn een gevolg van een strafrechtelijk onderzoek, met de codenaam ‘26TheVillage’, dat het Landelijk Parket van het Openbaar Ministerie (OM) in januari 2019 is gestart. Aanleiding voor dit onderzoek was dat uit een ander onderzoek bleek dat een persoon betalingen ontving waar slechts op papier een tegenprestatie tegenover stond: het leveren van schroot aan een schrootbedrijf in Zwijndrecht. De betreffende schroothandelaar bleek meer branchevreemde betalingen te doen aan bedrijven die zich niet met schroot bezighielden, maar bijvoorbeeld met onroerend goed beheer of handel in consumentenartikelen. Toen ook die bedrijven werden bekeken, bleek ook dat een schroothandelaar uit Rotterdam dergelijke betalingen aan die bedrijven deed.
Van 2016 tot en met 2020 zijn er tientallen keren zeer grote geldbedragen, van enkele tienduizenden euro’s tot tonnen euro’s per keer, overgemaakt van de bankrekeningen van die schroothandelaren naar branchevreemde bedrijven. Daarbij hebben de verdachten het willen laten lijken – mede met valse facturen – alsof die bedragen betrekking zouden hebben op door deze bedrijven geleverd schroot, oud ijzer en ander afval. In werkelijkheid werd echter niets geleverd. Rond die ‘leveringen’ hebben de verdachten een ingenieuze witwasconstructie opgetuigd die slechts door uitvoering onderzoek ontrafeld kon worden.
De schrootbedrijven, de bedrijven waaraan werd betaald en de personen achter de bedrijven stonden gisteren (13 juni) terecht in de rechtbank Overijssel. De officieren van justitie benadrukten toen de ernst van de situatie. “Om van crimineel geld bijvoorbeeld een mooie auto of groot huis te kunnen kopen, dan moet het geld van de onderwereld naar de bovenwereld worden verplaatst. Het criminele geld moet als het ware een nieuwe verpakking krijgen, zodat het niet meer als zodanig kan worden herkend: de ware herkomst moet dus worden verhuld. En precies bij dat omzetten en verhullen hebben de verdachten, die in dit onderzoek naar voren zijn gekomen, een belangrijke rol gespeeld. De aanpak van dit soort witwassers is van groot belang voor de effectieve bestrijding van allerlei vormen van zware criminaliteit. Misdaad mag niet lonen en van misdrijf afkomstig geld mag geen machtsfactor worden in de maatschappelijke orde.”
Volgens het OM leidt crimineel geld dat terecht komt in de legale economie, tot aantasting van het zogeheten ‘level playing field’: ondernemers en bedrijven die toegang hebben tot crimineel geld, doen eigenlijk aan oneerlijke concurrentie. Maar ook burgers raakt het direct. Zo drijft het aanschaffen van panden met misdaadgeld de woningprijzen op. Ook daarom moet hier streng en afschrikwekkend tegen worden opgetreden, vindt het OM.
In totaal stonden tien verdachten terecht: zes natuurlijke personen en vier bedrijven. Het OM eiste gisteren gevangenisstraffen variërend van tien maanden tot vijf jaar. Aangezien de verdachten de feiten pleegden voor eigen financieel gewin, zijn ook geldboetes geëist. Deze boetes varieerden bij de betrokken personen van 25.000 euro tot 50.000 euro. Tegen de bedrijven die hierbij betrokken waren, heeft het OM boetes geëist die variëren van 100.000 euro tot 500.000 euro.
De inhoudelijke behandeling van deze zaak volgt deze week met pleidooien van de verdediging.