Chris Jansen, de beoogd staatssecretaris die verder vorm moet gaan geven aan het circulaire-economiebeleid in Nederland, voelt er weinig voor mensen richting een circulaire economie te dwingen. “Ik verleid mensen liever.”
Tweede Kamerleden kregen vrijdagmiddag (21 juni) de kans de beoogd minister en staatssecretaris op het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat te ondervragen over hun ambities op hun nieuwe post. Over hoe minister Barry Madlener en staatssecretaris Chris Jansen (beiden PVV) vorm willen gaan geven aan het circulaire-economiebeleid werd tijdens de hoorzitting niet al te veel duidelijk. Veel vragen van Kamerleden gingen over de zogenoemde grijze onderwerpen uit hun portefeuille zoals infrastructuur en openbaar vervoer, 130 rijden en groei van de mainports Schiphol en Rotterdam. Het leidde onder andere tot de niet al te spectaculaire onthulling van Madlener dat hij in zijn eerste honderd dagen het meest uitkijkt naar het doorknippen van een lintje bij een te openen tunnel.
VVD-Kamerlid Hester Veltman wist Jansen wel te verleiden wat te zeggen over hoe hij naar de circulaire economie kijkt. Eerder had ze van hem vernomen dat hij de circulaire economie ‘geneuzel’ vond. Maar hoe denkt hij dan precies grondstoffentekorten op te gaan lossen, bijvoorbeeld voor de bouw? Jansen erkende dat het met oog op geopolitieke ontwikkelingen en de eindigheid van grondstoffen verstandig kan zijn circulair te denken. Maar als staatssecretaris wil hij Nederland toch vooral verleiden om hiermee aan de slag te gaan en dit niet afdwingen. Dit terwijl het Planbureau voor de Leefomgeving, een belangrijk adviseur van zijn ministerie, de overheid voorhield dat er nadrukkelijk meer verplichtend beleid nodig is voor de circulaire economie. Maar misschien ligt de Integrale Circulaire Economie Rapportage van het planbureau nog ongelezen op het bureau van de staatssecretaris in spé. De beoogd staatssecretaris liet zich tijdens de hoorzitting ontvallen nog niet al te diep in de milieudossiers te zijn gedoken. In ieder geval niet diep genoeg om er op het juiste niveau met de Kamerleden over van gedachte te kunnen wisselen.
Partijgenoot Hidde Heutink vroeg Jansen nog hoe hij om zou gaan met de vorig jaar in de Kamer aangenomen motie die de regering oproept om de toeslag op plastic wegwerpbekers en -bakjes voor consumptie onderweg, afhalen of bezorgen – de plastictaks – af te schaffen. Heijnen besloot de toeslag destijds niet direct af te schaffen, maar er alleen niet op te handhaven. Haar opvolger moest er maar het zijne mee doen. Jansen reageerde dat hij de wens van een Kamermeerderheid in zo’n geval gewoon respecteert, tenzij die technisch echt niet uitvoerbaar is. Zo lijkt het erop dat de plastictaks binnenkort zal sneuvelen. In Hoofdlijnenakkoord van PVV, VVD, NSC en BBB staat overigens wel een ‘circulaire plastic heffing’ die het Rijk vanaf 2028 jaarlijks 547 miljoen euro moet gaan opleveren. Hoe die heffing er precies uit gaat zien, lieten de partijen tot op heden nog in het midden.
Geert Gabriëls (Groenlinks-PvdA) vroeg Jansen nog of hij werk maakt van het versterken van het VTH-stelsel en meer specifiek de Omgevingsdiensten. Jansen vertelde in zijn rol als gedeputeerde in Flevoland gezien te hebben dat de diensten op dit moment niet altijd het beleid kunnen uitvoeren en dat dit uiteraard niet de bedoeling kan zijn. Op een vraag van Gabriëls of hij ook oog heeft voor de problemen die PFAS door heel het land veroorzaken, gaf Jansen aan zich nog niet genoeg te hebben ingelezen over deze problematiek, maar dat de directe leefomgeving van Nederlanders hem zeker aan het hart gaat.
Jansen kreeg tot slot veel vragen over het feit dat hij als raadslid in Almere nooit publiekelijk afstand wilde nemen van de gewraakte ‘minder Marokkanen’-uitspraken van Geert Wilders in 2014. Uitspraken waarvoor de PVV-leider is veroordeeld voor groepsbelediging. Met name de linkse oppositie vindt het belangrijk dat Jansen dat nu alsnog doet gezien hij toetreedt tot een kabinet. Jansen wilde daar niks van weten. In zijn nieuwe functie zal hij dergelijke uitspraken niet doen en ook niet accepteren van bijvoorbeeld medewerkers. De kwestie uit het verleden hoeft goede relaties in zijn nieuwe functie niet in de weg te staan. Zijn deur staat voor iedereen open, net als op het provinciehuis in Flevoland.
De hoorzittingen in de Tweede Kamer zijn nieuw in het formatieproces. Afgelopen oktober stemde de Kamer in met een motie van Kamerlid Joost Sneller (D66) om de bewindslieden in spe voor een zo’n zitting uit te nodigen, voordat ze op het bordes staan. De hoorzittingen lopen nog tot en met woensdag 26 juni. Maandag 24 juni volgt bijvoorbeeld nog de hoorzitting van VVD’er Sophie Hermans, de beoogd minister Klimaat en Groene Groei, die de komende jaren ook nog wel eens haar stempel zou kunnen drukken op het circulaire-economiebeleid van het kabinet Schoof I.