100 wetenschappers willen vaart in grondstoffentransitie
In een brief aan het nieuwe kabinet vragen honderd onderzoekers vaart te
maken met de circulaire economie in Nederland. Het initiatief komt van
professor doctor Ernst Worrell van Universiteit Utrecht.
Wetenschappers staan klaar om het circulaire-economiebeleid en daarmee de grondstoffentransitie vooruit te helpen. | Dreamstime | Digitalstormcinema
Voor de brede welvaart in ons land is het volgens de wetenschappers
noodzakelijk dat onze economie en samenleving weerbaar en minder
afhankelijk worden. Een weerbaar Nederland vraagt om zorgvuldig, lange
termijn, en ambitieus beleid om duidelijkheid voor de samenleving en
investeringszekerheid voor ondernemers te garanderen. Onze afhankelijkheid
van buitenlandse grondstoffen en waardeketens maakt ons nu kwetsbaar. Om
dat in positieve zin te keren moeten we de concurrentiepositie van ons
bedrijfsleven versterken door een duurzame circulaire economie vorm te
geven waarin we niet langer sterk afhankelijk zijn van grondstoffen van
elders in de wereld. En waarin het grondstoffengebruik in balans komt met
de grenzen van de planeet, zo schrijven ze in hun brief aan het nieuwe
kabinet.
De oplossing volgens de wetenschappers is het versterken van onze
circulaire maakindustrie door meer te hergebruiken, repareren en recyclen.
Dit vergt ook sociaal beleid waarbij gewerkt wordt aan draagvlak en
bevorderen van burgerinitiatief.
De briefschrijvers zien dat Nederland een uitstekende uitgangspositie
heeft. Het is mondiaal één van de eerste landen met een
gestructureerd beleid, met nationale doelen die nu omgezet gaan worden
naar doelen per productgroep. Nederland kent vele koplopers in het
bedrijfsleven die gewoon laten zien dat circulair werken kan en dat het
loont. Nederland heeft ook een leidende kennispositie verworven, zowel in
de praktijk als in de kenniswereld. We innoveren wel, maar volgens de
onderzoekers brengen we de innovaties onvoldoende naar de markt (en
kassa). Wat ontbreekt is implementatie-gericht beleid op het maken van een
systeemsprong naar een circulaire economie en samenleving.
Adviezen
Overheidsingrijpen vraagt kennis van de vele aspecten die meespelen om
de maatschappij op een zorgvuldige manier richting circulariteit te
bewegen. De wetenschappers zeggen klaar te staan om met hun kennis een
bijdrage te leveren aan de transitie naar een toekomstbestendig en
duurzaam Nederland. Vanuit de wetenschap roepen zij het kabinet op om in
het regeerakkoord de transitie naar een circulaire economie een centrale
plaats te geven in het beleid. Het gaat hier om een fundamentele
verandering in het economisch systeem van productie en consumptie. Hun
adviezen:
Breng economisch, sociaal én milieubeleid
samen. Overheidsingrijpen is gericht op het bevorderen van
het circulaire bedrijfsleven, betaalbaar, en met brede betrokkenheid van
burgers. Zorg voor een gecombineerde systematische aanpak van deze inzet
en richt de financiering van de kenniswereld daarop in.
Stuur de transitie per productgroep met slimme ketentafels en
routekaarten. Samenwerking is noodzakelijk en een kracht van
ons land. De manier waarop we als land met grondstoffen en producten
omgaan kent vele partijen met elk een eigen rol in de keten. Breng met
spoed en onder regie van de overheid de partijen samen en bouw gedeelde
visies en routekaarten die als kompas dienen voor de transitie. Hierbij
kunnen de productgroepen centraal staan, maar belangrijk is wel om
thema’s die overal spelen goed op te pakken, zoals logistiek, gebrek
aan investeringen.
Bevorder daadwerkelijke implementatie van de
routekaarten. Te vaak blijft het in ons land bij visies. Er
zijn politieke keuzes nodig om te werken aan een Nederland dat klaar is
voor de toekomst. Wij pleiten voor het opzetten van grootschalige
implementatietrajecten die worden gemonitord en doorgezet. De wetenschap
staat in de steigers om dit actief te ondersteunen.
Organiseer een betere gecoördineerde financiering vanuit
publieke en private middelen. De transitie naar een
circulaire economie en samenleving vergt nieuwe investeringen. Maar het is
zaak dat die middelen op een gecoördineerde manier worden ingezet
gericht op het ondersteunen van de implementatietrajecten.
Laat circulair ondernemen renderend zijn. De
transitie naar een circulaire economie staat aan het begin. De koplopers
van bedrijven die met hun producten en diensten bijdragen aan de
circulaire economie willen we stimuleren. Een productgroep-aanpak die
kijkt naar de hele waardeketen is daarbij zeer behulpzaam. Het Nederlandse
mkb verdient hierbij speciale aandacht, omdat zij door hun innovatieve
vermogen de motor vormt van de transitie. Omdat het over Nederlandse
bedrijven gaat, vraagt dit speciale aandacht bovenop EU-beleid. Dat
stimuleren kan met coördinatie van (bestaande) landelijke
instrumenten, zoals het overheids-inkopen, het landelijke
afvalinstrumentarium (zoals producentverantwoordelijkheid en het gedrag
van Nederlanders), het stoppen met de ondersteuning en subsidiering van
niet-circulair produceren en handelen alsmede beperking van de import van
lineaire producten, naast het stimuleren van innovatie en investeringen in
circulaire verdienmodellen. Maar bovenal vraagt het vormgeven van de
circulaire economie regie en meer financiële steun.
De ondertekenaars van de brief
Prof. dr. Ernst Worrell (Universiteit Utrecht)
Prof. dr. Arnold Tukker (Universiteit Leiden)
Prof. dr. Johan Schot (Universiteit Utrecht)
Prof. dr. Peter Ben Smit (Vrije Universiteit Amsterdam)
Dr. ir. Kasper Lange (Hogeschool van Amsterdam)
Dr. Rutger Hoekstra (Universiteit Leiden)
Dr. Suzanne de Bakker (Hogeschool Utrecht)
Dr. Jaco Quist (Technische Universiteit Delft)
Prof. dr. Hans van Kranenburg (Radboud Universiteit)
Dr. Sjoerd Kluiving (Vrije Universiteit Amsterdam)
Dr. Asel Doranova (Universiteit Tilburg)
Arjen Wierikx (Hogeschool Utrecht)
Joanne Lucas (Hogeschool van Amsterdam)
Dr. ir. Ton van Kollenburg (Avans Hogeschool)
Dr. Evert-Jan Velzing (Hogeschool Windesheim)
Dr. Joop de Zwart (Avans Hogeschool)
Dr. Inge Oskam (Hogeschool van Amsterdam)
Dr. Julie Ferguson (Hogeschool van Amsterdam)
Prof. dr. Stan Majoor (Universiteit van Amsterdam)
Dr. Don Ropes (Hogeschool Inholland)
Dr. Sjors Witjes (Radboud Universiteit)
Remko Siemerink (Hogeschool Rotterdam)
Dr. Deborah Tappi (Hogeschool Rotterdam)
Dr. Margie Topp (Hogeschool Windesheim)
Dr. Ir. Albert ten Busschen (Hogeschool
Windesheim)
Dr. Ir. Geert Heideman (Hogeschool Windesheim)
Prof. dr. Han Wösten (Universiteit Utrecht)
Dr. Koen Dittrich (Erasmus Universiteit)
Dr. Sjoukje Goldman (Hogeschool van Amsterdam)
Prof. dr. Simona Negro (Universiteit Utrecht)
Prof. dr. Pieter Bruijnincx (Universiteit Utrecht)
Dr. Arturo Castillo Castillo (Universiteit Utrecht)
Dr. Karel Van den Berghe (Technische Universiteit Delft)
Dr. Reint Jan Renes (Hogeschool van Amsterdam)
Prof. dr. Biljana Pešalj (Fontys Hogeschool)
Prof. dr. Reyer Gerlagh (Universiteit Tilburg)
Prof. mr. dr. Marlon Boeve (TU Delft/Universiteit Utrecht)
Mr. dr. Ida Mae de Waal (Universiteit Utrecht)
Prof. mr. Willem Janssen (Universiteit Utrecht/Rijksuniversiteit
Groningen)
Prof. dr. Nancy Bocken (Universiteit Maastricht)
Yvonne van Lith (Fontys Hogeschool)
Dr. Benjamin Sprecher (Technische Universiteit Delft)
Prof. dr. Yvonne van der Meer (Universiteit Maastricht)
Dr. Daan Schraven (Technische Universiteit Delft)
Prof. dr. René Kemp (Universiteit Maastricht)
Prof. dr. Jan Rotmans (Erasmus Universiteit)
Martijn van Engelenburg (Universiteit Leiden)
Prof. dr. Andre Nijhof (Nyenrode Business Universiteit)
Dr. Jolien Ubacht (Technische Universiteit Delft)
Dr. Linda Kamp (Technische Universiteit Delft)
Prof. dr. Ester van der Voet (Universiteit Leiden)
Dr. ir. Arjan Kirkels (Technische Universiteit Eindhoven)
Dr. Diane Zandee RC (Nyenrode Business Universiteit)
Prof. dr. Chris Slootweg (Universiteit van Amsterdam)
Prof. dr. ir. Ruth Mugge (Technische Universiteit Delft)
Sanne Bours (Universiteit Utrecht)
Dr. Lis Suarez-Visbal (Universiteit Utrecht)
Claudia Stuckrath (Universiteit Utrecht)
Prof. dr. Gjalt de Jong (Rijksuniversiteit Groningen)
Ir. Henri van Bennekom (Technische Universiteit Delft)
Dr. ir. Ad Straub (Technische Universiteit Delft)
Cas Raedts (Universiteit Utrecht)
Dr. Jan Brusselaers (Vrije Universiteit Amsterdam)
Joek van der Zwaan (Universiteit Utrecht)
Dr. Mirella Soyer (Hogeschool Rotterdam)
Gergő Sütő (Universiteit Utrecht)
Dr. Alexander Wandl (Technische Universiteit Delft)
Prof. dr. Eveline van Leeuwen (Wageningen University)
Prof. dr. Dave Huitema (Wageningen University)
Prof. dr. ir. Vincent Gruis (Technische Universiteit Delft)
Prof. dr. Arnoud Lagendijk (Radboud Universiteit)
Prof. dr.ir. Henk Kievit (Nyenrode Business Universiteit)
Prof. mr. dr. Tineke Lambooy (Nyenrode Business
Universiteit)
Prof. dr. Caroline Kroon (Technische Universiteit Delft)
Prof. dr. Cees Withagen (Vrije Universiteit Amsterdam)
Dr. Vivian Tunn (Universiteit Utrecht)
Dr. Yanan Liang (Universiteit Leiden)
Prof. dr. Jeroen Guinee (Universiteit Leiden)
Prof. dr. René Klein (Universiteit Leiden)
Dr. Ellen van der Werff (Rijksuniversiteit Groningen)
Dr. Nils Thonemann (Universiteit Leiden)
Prof. dr. Conny Bakker (Technische Universiteit Delft)
Dr. Katinka Quintelier (Vrije Universiteit Amsterdam)
Prof. dr. Karen Maas (Erasmus Universiteit)
Dr. David Vermaas (Technische Universiteit Delft)
Dr. Walter Vermeulen (Universiteit Utrecht)
Prof. dr. Imke de Boer (Wageningen Universiteit)
Tom Rep (Universiteit Utrecht)
Prof. mr. dr. Herman Gilissen (Universiteit Utrecht/Delta Climate
Center)
Dr. Helen Toxopeus (Universiteit Utrecht)
Prof. dr. Petra de Jongh (Universiteit Utrecht)
Dr. Cees-Jan Pen (Fontys Hogeschool)
Annemiek Pronk (Universiteit Utrecht)
Prof. dr. Bert Weckhuysen (Universiteit Utrecht)
Mr. dr. Bart Wernaart (Fontys Hogeschool)
Michiel van den Hout (Klimaatonderzoek Initiatief Nederland
(KIN))
Prof. dr. Bert Klein Gebbink (Universiteit Utrecht)
Dr. Li Shen (Universiteit Utrecht)
Prof. dr. Devrim Murat Yazan (Universiteit Twente)
Prof. dr. Ruud Balkenende (Technische Universiteit Delft)