De groei van de productie van circulair plastic is dramatisch gedaald in Europa, terwijl die in de rest van de wereld is gegroeid. In Nederland is de capaciteit zelfs afgenomen, doordat Europa zich buiten de markt plaatst. Volgens Plastics Europe is het nu alle hens aan dek. "Circulariteit is geen milieudoelstelling, maar een industriedoelstelling."
Plastics Europe waarschuwt dat de transitie naar een circulaire-plasticeconomie ernstig vertraagt. De groei van de productie van circulair plastic is de afgelopen twee jaar sterk teruggevallen. In 2024 bestond 15,8 procent van de totale Europese plasticproductie uit mechanisch en chemisch gerecycled en biobased plastic, samen 8,7 Mton. De samengestelde jaarlijkse groei kwam uit op 1,2 procent, tegen een jaarlijkse groei van 13,6 procent in de periode tot 2022.
Waar in Europa als geheel nog sprake is van een kleine groei in productie, is in Nederland sprake van een forse daling: de productie van plastic nam met -14,4 procent af, waardoor ook het volume aan circulaire plasticproductie daalde. Nederland verwerkt meer gerecycled plastic, maar verbrandt nog altijd het grootste deel van zijn plasticafval. Volgens Plastics Europe ging in 2024 685 kton post-consumer plasticafval in vlammen op, tegenover 405 kton recycling.
De vereniging luidt de alarmbel na haar marktanalyse die ze vandaag publiceert in het tweejaarlijkse rapport The Circular Economy for Plastics: A European Analysis, met daarnaast een factsheet voor Nederland over 2024.
Voor Nederland is het beeld voor plasticrecycling dubbel. In 2024 werd er 1.093 kton postconsumer plasticafval ingezameld en verwerkt. Het aandeel post-consumer gerecycled plastic in de verwerking door converters steeg van 12,8 procent in 2022 naar 14,3 procent in 2024. Tegelijkertijd bleef de recycling ervan met 37 procent vrijwel gelijk en werd 62,7 procent verbrand. Daar zit de pijn voor Plastics Europe. De organisatie noemt Nederland met 37 procent recycling “op papier Europees koploper”, maar wijst erop dat meer dan 60 procent van het ingezamelde plasticafval nog steeds wordt verbrand.
De cijfers onderstrepen wel het belang van brongescheiden inzameling. Bij gescheiden ingezameld post-consumer plasticafval lag het recyclingpercentage in Nederland op 58,1 procent. Bij niet-gescheiden ingezameld plasticafval was dat 11,8 procent. Bij verpakkingen is het verschil nog groter: 70,6 procent recycling bij gescheiden inzameling, tegen 14 procent bij niet-gescheiden inzameling. Dat betekent dat 86 procent van de plasticverpakkingen die niet gescheiden zijn ingezameld wordt verbrand.
Voor plastic verpakkingsafval kwam Nederland in 2024 uit op 569 kton post-consumer afval. Daarvan werd 55,3 procent gerecycled en 44,7 procent verbrand.
De Nederlandse plasticconsumptie nam in 2024 met 4 procent toe tot 2.032 kton. De totale plasticproductie daalde juist met 14,4 procent tot 5,3 Mton. Ook de Nederlandse plasticconversie (de verwerking van de geproduceerde plastic in producten) daalde, met 2,8 procent tot 2.231 kton.
Plastics Europe koppelt de vertraging aan hoge energie- en grondstofprijzen, emissiekosten en internationale concurrentiedruk. De vereniging waarschuwt dat Europa waardevolle grondstoffen uitvoert, gerecyclede materialen invoert en tegelijk eigen industriële capaciteit dreigt te verliezen. “Als we doorgaan met het exporteren van waardevol gesorteerd afval en het importeren van gerecyclede materialen, ondermijnen we zowel onze industriële basis als onze klimaatdoelstellingen", onderstreept Drea Berghorst, managing director van Plastics Europe Nederland.
Voor heel Europa is de conclusie dat de Europese plastictransitie is vertraagd door toenemende mondiale druk. Daalde de groei in Europa zoals gezegd van 13,6 naar 1,2 procent in 2024, mondiaal versnelde de groei van de productie van circulair plastic van 5 procent naar 7,7 procent. Nieuwe data over de handel in plastic tonen hoezeer de transitie naar circulair plastic afhankelijk is van externe waardeketens, concludeert de pan-Europese plasticvereniging. 19 procent van de vraag van verwerkers wordt ingevuld door import en 12,4 procent van het Europees ingezameld plastic afval wordt in andere regio’s gerecycled. De afhankelijkheid van invoer is nog groter voor fossiele gebaseerd plastic: 25 procent van de vraag van verwerkers wordt hier afgedekt door import.
Europa heeft nog steeds het grootste aandeel circulair plastic (15,8 procent) ten opzichte de totale productiemix. Die koppositie dankt het vooral aan de scherpe daling in de productie van plastic uit fossiele grondstoffen. Tussen 2022 en 2024 daalde die met 8,3 procent tot 43,3 Mton.
Volgens de voorzitter van Plastics Europe, Rob Ingram, is het zeer zorgwekkend dat juist nu Europa de transitie naar een circulaire economie zou moeten versnellen, een drastische vertraging is te zien. "Onze waardeketen kan de noodzakelijke investeringen in circulariteit niet doen; in plaats daarvan zijn we getuige van Europa’s decarbonisering door de-industrialisatie. Tenzij we deze zeer schadelijke trend keren, zal Europa haar klimaatambities niet kunnen waarmaken."
De vereniging van plasticproducenten eist urgente actie van de EU en van de lidstaten zelf om de concurrentiekracht van de industrie te herstellen en investeringen in innovaties en opschaling van circulair plastic mogelijk te maken. Ze heeft daarvoor eerder een zes-puntenplan opgesteld die met prioriteit in de Circulaire economie wet moeten komen te staan. Deze wet wordt dit jaar nog door de Europese Commissie gepresenteerd. “De overgang naar een circulaire plasticeconomie moet topprioriteit worden. De Europese circulaire economiewet (CEA) moet ervoor gaan zorgen dat circulariteit een aantrekkelijke Europese businesscase wordt", pleit Berghorst. "Wanneer maatregelen uitblijven riskeren we de voordelen van een eigen circulaire transitie te verliezen, waardoor de industriële en economische waarde in andere regio’s neerdaalt." Ook Nederland moet van Berghorst snel aan de bak om het tij te keren. “Nederland is bakermat van de Europese plasticindustrie, waar veel van ’s werelds meest innovatieve en vooruitstrevende plasticproducenten actief zijn. Die lopen voorop in de transitie naar een circulair plasticsysteem en moeten we binnenboord houden om een circulaire economie tot stand te kunnen brengen.”