Categorie:
Politiek en beleid | Gepubliceerd: 05 februari 2004
Onderzoek naar gevolgen nieuw stoffenbeleid
Het ministerie van Economische Zaken gaat onderzoeken wat de financiële
gevolgen zijn van het nieuwe stoffenbeleid dat de EU voorstelt.
Vorig najaar heeft de Europese Commissie een voorstel gedaan voor een
nieuw chemisch stoffenbeleid. Bedrijven worden daarmee verantwoordelijk
voor het inventariseren van de eigenschappen en risico's voor mens en
milieu van de chemische stoffen die ze maken of verwerken. Op de lijst
staan 30.000 stoffen die geanalyseerd moeten worden. Volgens een studie
van de Europese Commissie zou het voorstel de Europese chemie ongeveer 2,5
miljard euro gaan kosten en de verwerkende bedrijven tussen de 2,8 en 4,2
miljard euro over een periode van 11 jaar. EZ wil weten welke gevolgen het
voorstel heeft voor het Nederlandse bedrijfsleven. Daarbij gaat het zowel
om producenten, importeurs, distributeurs van chemische stoffen, als om de
verwerkers van chemische stoffen. Vrijwel alle verwerkende bedrijven
werken met chemische stoffen. Het voorstel is dan ook van belang voor
grote delen van het Nederlandse bedrijfsleven. Het onderzoek moet
vóór de zomer zijn afgerond.
Samenstelling
Om een helder beeld van deze gevolgen te krijgen heeft het ministerie van
Economische Zaken opdracht gegeven om een onderzoek te starten naar de
kansen, uitdagingen en kosten van dit voorstel voor het Nederlandse
bedrijfsleven. Het onderzoek zal worden uitgevoerd door een team van KPMG
en TNO. Het onderzoek wordt begeleid door een commissie met als
onafhankelijk voorzitter Frans Tummers, voormalig directievoorzitter van
Unilever-Nederland. Leden zijn: namens het bedrijfsleven: Arie Kraaijeveld
(FME-CWM), Jan van Walsem (FOSAG), Kees Linse (VNCI) en Wouter Pfeifer
(NVZ), namens de milieuorganisaties: Ad van den Biggelaar (SNM) en namens
de ministeries van EZ en VROM: resp. Directeur-Generaal Ondernemingklimaat
Chris Buijink en Directeur-Generaal Milieu Hans van der Vlist.