CE Delft heeft voor twee soorten verpakkingenbelastingen berekend wat deze de schatkist kunnen opleveren en hoeveel afval en CO2 ze kunnen reduceren.
Op aandringen van de Tweede Kamer kijkt het kabinet op dit moment naar mogelijke alternatieven voor de 567 miljoen euro aan extra heffingen die bij de voorjaarsbesluitvorming 2025 op het bordje van de afvalsector terechtkwamen. In dat kader heeft het kabinet CE Delft onderzoek laten doen naar twee soorten verpakkingenbelastingen.
Bij de eerste belasting, een belasting op kunststof verpakkingen voor eenmalig gebruik, wordt er belasting geheven op kunststof verpakkingen voor eenmalig gebruik die voor het eerst op de Nederlandse markt worden gebracht. In de effectberekening van CE Delft is bij deze belasting uitgegaan van een vrijstelling voor verpakkingen die voor minimaal 50 procent uit recyclaat bestaan en zijn twee tarieven doorgerekend: een laag tarief van 0,25 euro per kilogram en een hoog tarief van 0,80 euro per kilogram. Daarnaast is onderzoek gedaan naar een belasting op de inzameling van kunststof drankflessen en blikjes. Hierbij is een variant doorgerekend met een tarief dat geldt per verpakkingseenheid en lineair afneemt naarmate het collectieve inzamelpercentage stijgt, van ongeveer 3 eurocent per verpakking bij 80 procent inzameling tot 0 eurocent per verpakking bij 95 procent inzameling.
De effecten van de eerste belasting met een hoog tarief zijn een opbrengst van 0 tot 150 miljoen euro in 2035, een vermeden CO2-uitstoot van 0,15 tot 0,51 Mton in 2035, extra recyclaatinzet van 5 tot 20 procent in 2035 en een afvalreductie-effect van 15 kton per jaar. De effecten voor de tweede belasting bij een lichte groei qua inzamelingspercentage zijn een opbrengst van 55 tot 80 miljoen euro in 2030, een vermeden CO2-uitstoot van 0,005 tot 0,012 Mton in 2030 en een afvalreductie-effect van 1,1 tot 1,3 kton in 2030. Verder verwachten de onderzoekers zeer beperkte verschuivingseffecten, zowel richting andere materialen als richting herbruikbare verpakkingen.
De Werkgroep Afvalsector tipte het kabinet eind vorig jaar al over het belasten van verpakkingen om de fiscale druk op de afvalsector te verminderen. Van alle maatregelen die de werkgroep voorstelde, lijkt dit een van de meest realistische. Op compleet nieuwe heffingen invoeren, zeker als deze complex zijn, zit het Ministerie van Financiën vermoedelijk namelijk niet te wachten, waardoor een herintroductie van een belasting op verpakkingen op voorhand relatief kansrijk lijkt. Opvallend was de afgelopen tijd al dat producentenorganisatie Verpact zich meermaals stevig uitsprak tegen het belasten van verpakkingen. Een extra heffing zou investeringen van het verpakkend bedrijfsleven in de circulaire economie alleen maar in de weg zitten.
Of het kabinet toch doorpakt met een belasting op verpakkingen, blijkt vermoedelijk op Prinsjesdag. In een Kamerbrief over het versterken van de circulaire economie schrijft minister Stientje van Veldhoven van Klimaat en Groene Groei dat uitkomsten van onderzoek “worden meegenomen in de besluitvorming over de begroting”. Ook laat ze daarin weten dat het kabinet de Kamer met Prinsjesdag ook zal informeren over de appreciatie en weging van de alternatieve voorstellen die de Werkgroep Afvalsector heeft gedaan voor de extra heffingen voor de afvalsector.