Om op korte termijn aan het Urgenda-vonnis te voldoen overwoog het demissionaire kabinet afgelopen zomer om CO2-uitstotende bedrijven, waaronder ook afvalenergiecentrales, tijdelijk gedeeltelijk of zelfs volledig te sluiten.
Uit documenten die Nieuwsuur heeft opgevraagd via de Wet openbaarheid bestuur (Wob) blijkt dat het kabinet speelde met de gedachte om industriële installaties stil te leggen en capaciteitsbeperkingen op te leggen aan afvalenergiecentrales (AEC’s). In de industrie kon via een vrijwillige tenderregeling 1 tot 8 Mton CO2-eq kunnen worden gereduceerd. Bij AEC’s schatte het kabinet de reductiepotentie op 0,5 tot 0,9 Mton CO2-eq. De geschatte kosten van een verplichte capaciteitsbeperking voor AEC’s zijn weggelakt in de documenten, zoals dat vaker gebeurt met gevoelige informatie in gewobte overheidsstukken.
In de documenten wordt gesteld dat met grote bedrijven overleg zou moeten worden gevoerd over de mogelijkheden om installaties (deels) stil te leggen. Hierbij moest dan ook worden gesproken over de hiermee gemoeide kosten, die ‘nu niet zijn te ramen’. Benadrukt wordt in de stukken dat de maatregel een grote impact op bedrijfsniveau heeft en gevolgen kan hebben voor banen van mensen, waarmee er grote risico’s zijn voor het draagvlak. Uiteindelijk wordt tegen het eind van de zomer in een notitie voorgesteld om geen verkennende gesprekken te voeren met afvalverbrandingsinstallaties.
De Nederlandse afvalsector is overigens al wel enige tijd in gesprek met de overheid over de afbouw van capaciteit van afvalenergiecentrales. In een op 29 juni aangenomen Kamermotie is de regering verzocht om met een realistisch afbouwpad voor de Nederlandse afvalverbrandingscapaciteit te komen. Daarbij moet rekening worden gehouden met de effecten op de gehele afvalketen, de werkgelegenheid, de duurzame energie en warmte die afvalenergiecentrales (AEC's) leveren, en CO2-reductie op Europees niveau. Als er overeenstemming over een scenario voor de afbouw van capaciteit is, moet de regering de door verbranders gewraakte importheffing op buitenlands restafval heroverwogen.
Klimaatorganisatie Urgenda eiste in 2015 dat de Nederlandse Staat de uitstoot van broeikasgassen vanaf 2020 met ten minste 25 procent zou verminderen (ten opzichte van 1990). Het kabinet verzette zich hier lang tegen, maar moest afgelopen jaar toch serieus aan de slag met de eis van de klimaatorganisatie. De Hoge Raad bevestigde eind 2019 namelijk een eerdere uitspraak van de rechter dat Urgenda volledig in haar recht stond met haar eis.