Categorie: Duurzaamheid | Gepubliceerd: 07 april 2008

Onderzoek mestvergisting levert positieve resultaten op

Het Wageningen UR heeft zeven melkveebedrijven gevolgd in hun eerste ervaringen met mestvergisting. Het kunstmestgebruik daalde met 50 procent.

De Animal Sciences Group (ASG) van het Wageningen UR volgde de Friese melkveebedrijven in opdracht van de provincie Friesland. De bedrijven zijn pas begonnen met mestvergisting. Hun prestaties zijn een jaar lang bijgehouden. Uit het onderzoek blijkt dat de ervaringen met het vergistingproces goed zijn en dat de veehouders weinig problemen hebben met de afzet van hun digestaat. De veehouders verminderden het kunstmestgebruik met gemiddeld 50 procent.

Conclusies
Het onderzoek was de tweede fase van een monitoringsonderzoek van mestvergisters in Friesland; begin 2005 voerde ASG al onderzoek uit naar de potentie van mestvergisting op bedrijfsniveau en voor de provincie als geheel. Onderzoeker Hendrik Jan van Dooren: "Op basis van de resultaten van dit project kunnen we concluderen dat mestvergisting een goede bijdrage levert aan het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen. Het vergistingsproces loopt bij veel bedrijven boven verwachting. De verwachte gasproducties worden vaak ruimschoots gehaald." Ook de ervaringen met het uitrijden van digestaat op eigen land zijn zeer positief. Het digestaat is goed verpompbaar, nagenoeg reukloos en heeft een goede bemestingswaarde.

Vertrouwen
Dankzij de MEP-regeling en door het publiceren van de zogenaamde positieve lijst, raakten eind 2003 in de provincie Friesland veel melkveehouders geïnteresseerd in mestvergisting. Fossiele brandstoffen besparen en de uitstoot van broeikasgassen reduceren, met name methaan, zijn de zaken waarop de veehouders kunnen scoren. In 2006 zette de overheid de MEP-subsidie vrij plotseling stop, waardoor de ondernemers volgens het Wageningen UR nu nog weinig vertrouwen hebben in de toekomst van mestvergisting.